|
Headlines | Suzanne van den Eynden
Respect en vertrouwen nodig voor goed BIM-project
De bouw herbezint en de invoering van een Bouwwerk Informatie Model (BIM) sluit daar naadloos op aan. Maar volgens Jan Straatman en Willem Pel van adviesbureau Balance & Result is de acceptatie van BIM onderdeel van een grotere beweging die toewerkt naar een ‘bouw 2.0’ (de bouw na de crisis).In hoeverre luidt de crisis het einde van een tijdperk in de bouw in?
“De crisis heeft geleid tot een herbezinning bij bouwen installatiebedrijven: op hun manier van werken, hun positie in de keten, en hoe deze te versterken. Ook de relatie met de opdrachtgever komt bij deze herbezinning aan bod. Nauwere samenwerking binnen de keten, waarvan iedereen wel overtuigd is dat we daar naar toe moeten, vraagt iets heel essentieels: onderling vertrouwen en betrouwbaarheid. Dat zal de bouw moeten ontwikkelen. In de traditionele verhoudingen wil iedere partij het liefst de macht naar zich toetrekken, wat dodelijk is voor samenwerking.”
Is zo’n verandering mogelijk? Door onder meer de steeds weer opduikende gevallen van bouwfraude en fouten ontstaat toch het beeld dat de bouw het nooit zal leren.
“De sector heeft de afgelopen jaren serieus werk gemaakt van integriteit. De fraudegevallen brengen echter aan het licht dat er nog steeds onbetrouwbare partijen bestaan. Die heb je echter in iedere sector. In de bouw wordt dit er misschien meer uitgelicht omdat iedereen wel ‘iets’ met de bouw heeft, al is het maar in de vorm van de buurman die aan het verbouwen is. De impact van fouten in de bouw is bovendien heel groot. Als je dakkapel niet goed gemonteerd is, kun je daar jaren last van hebben. Wil de bouw zich professionaliseren, en meer inspraak hebben bij het ontwerp en het productieproces, dan zal ze ook moeten leren haar verantwoordelijkheden te dragen. En niet naar de architect wijzen als er iets fout gaat.”
Is het werkelijk zo simpel om van die faalkosten af te komen?
Straatman: “Ik ben daar wel van overtuigd. Terugdringen van de faalkosten vraagt niet meer dan dat bedrijven zich als een ware professional gedragen. Dat betekent dat zij de opdrachtgever garanderen een foutloze woning af te leveren, en als er toch fouten in blijken te zitten, dat zij die zelf oplossen. Ook moet een bedrijf sterk genoeg zijn om te zeggen: de voorbereiding is niet goed geweest, ik begin er niet aan. Als bedrijf moet je daarin je eigen mores ontwikkelen. Onder druk van omstandigheden gaat er vaak een hoop fout, met als gevolg die faalkosten. Maar eerlijk en vakbekwaam werk heeft de langste levensduur.”
Hoe past BIM bij de ‘bouw 2.0’?
“BIM kan werken als katalysator en facilitator van een nieuwe manier van organiseren, binnen zowel de keten als de afzonderlijke bedrijven. Een ontwikkeling als BIM is niet alleen een technische oplossing, maar past in een grotere beweging die toewerkt naar een andere manier van aanbieden van vraag en aanbod, en het organiseren van processen. Ook met het oog op de toekomst is dit van belang. Als de bouwsector een aantrekkelijke werkgever wil zijn voor jongeren, dan zal ze zich wel moeten professionaliseren. Net afgestudeerde jongeren hebben weinig zin om aan het werk te gaan in een traditioneel georganiseerde bedrijfstak, die ook nog eens achterloopt op het gebied van automatisering.”
Waarom komt de bouw later dan andere branches tot dit besef?
“De bouw is een eenzijdig technische bedrijfstak, waar voornamelijk beta’s werken. Deze mensen – over het algemeen mannen met grijs haar – beschikken over enorm veel kennis; maar praten en nadenken over de ontwikkeling van mensen, is een heel andere tak van sport. Ik heb ooit een jonge, talentvolle dame gesproken die als constructeur werkte. Na een paar jaar was ze toe aan een nieuwe stap, en ze ging met haar baas praten. Zijn antwoord? ‘Ga jij nog maar acht jaar door met moeilijke sommen maken, daar ben je namelijk goed in, en dan praten we wel verder’. Anderen die al langer in dienst waren, stonden namelijk eerst op de nominatie voor een carrière stap. Anciënniteit weegt in de bouw zwaarder dan talent en deskundigheid, terwijl de nieuwe generatie zo snel mogelijk vooruit wil. Vooral niet te lang hetzelfde doen. De verschillende generaties in de bouw hebben elkaar overigens hard nodig, ook bij de invoering van Virtueel Bouwen. Een net afgestudeerde bouwkundige heeft nog niet de technische kennis van de ervaren bouwer, maar is wél veel meer bedreven in ict-toepassingen dan zijn, vaak een stuk oudere, directeur. Ook op dat niveau is samenwerking dus essentieel."
Interessant artikel?
Sluit nu een abonnement af en ontvang iedere maand het tijdschrift Bouwformatie. Klik hier
|